Pff, dat is even omschakelen. Ik zit momenteel even in een echte popfase. In een slicke popfase, bedoel ik. Pluramon is bijvoorbeeld niet weg te slaan uit mijn AirTunes. De omschakeling naar ZXZW valt me dus even zwaar. Tuurlijk, ook ZXZW is pop. Alleen is het pop van de minder toegankelijke soort.
Mijn definitie van pop is overigens erg breed. Ook Jason Forrest, Jacob Kirkegaard en Kapotte Muziek is pop. Wat zou het anders moeten zijn? Ben eigenlijk benieuwd of Jason ook op ZXZW staat. Ik hoop het. Hem ‘m al te lang niet gesproken.
Goed, maar ter zake. Het persbericht over dit experiment is duidelijk: dit wordt voor mij een zoektocht. Wie denkt dat ik niet met plezier naar de sites van KindaMuzik, FileUnder en 3voor12 surf heeft het mis. Ik vind ze geweldig. Zowel als popjournalist, socioloog en liefhebber gebruik ik ze veelvuldig. Eerlijk gezegd geloof ik sowieso niet dat ik óf journalist óf socioloog óf liefhebber kan zijn. Ik ben het allemaal, altijd.
Wat me als oprichter van cut-up en ook in de tijd dat ik hoofdredacteur was van KindaMuzik maar niet los wil laten is hoe nieuwe media – of interactieve media, noem het hoe je wilt – kan helpen bij de problemen waar de popjournalistiek in Nederland al tijden mee worstelt. Mijn idee is dat de huidige Nederlandse popjournalistiek op het web daar niet toe in staat is. Ook KindaMuzik en cut-up niet. Ik steek de hand dus zeker in eigen boezem.
Wat er momenteel mis is met de Nederlandse popjournalistiek? Ach, daar kan ik pagina’s over vol schrijven. Heb ik ook al gedaan. Mijn artikel Schrijven kan iedereen verschijnt eind oktober in de Nieuwe Media in NL-krant die wordt uitgegeven door het Instituut voor Netwerkcultuur. Ik vat even snel samen:
- er is te weinig geld voor goede achtergrondverhalen
- verschillende media schrijven te vaak over precies hetzelfde op precies dezelfde manier
- (pop)journalisten hebben te weinig algemene kennis waardoor ze oppervlakkige stukken schrijven
- er is in Nederland te weinig interactie tussen popjournalisten, popproducenten en mensen die in andere kunstdisciplines werkzaam zijn
- bladenmakers in Nederland zijn vooral geïnteresseerd in de grootte van de doelgroep, niet in het opstellen van een strategie voor een medium
Ja, ik weet. Dat is flinke kritiek. Was het vroeger beter? Ik denk zelf van wel. Maar dan nog. Eigenlijk is die vraag niet relevant. Als ‘t denkbaar beter kan, is dat reden genoeg om er iets aan te doen. Zeg ik als aanhanger van het Duitse idealisme.
Terug naar het onderwerp van deze blog. Welke van de bovenstaande knelpunten kunnen met behulp van nieuwe media worden opgelost? Goede vraag. In ieder geval geldt op dit moment dat de popjournalistiek op het internet een afspiegeling is van de oude media. Inhoudelijk wijken 3voor12 en KindaMuzik niet af van bijvoorbeeld OOR. Al is OOR beter geschreven. Wel stoeien ze met technologie. De festivalverslaglegging van 3voor12 is een mooi voorbeeld van het complementair gebruik van video, radio, fotografie en geschreven woord.
Leidt dat tot een andere inhoudelijke benadering? Nauwelijks. Al zijn de stukjes van Thomas van Aalten een zachtromige verrassing. Komt niet door nieuwe media, wel door Van Aaltens schrijftalent.
Maar wat kan nieuwe media dan wel betekenen om bij te dragen aan een betere popjournalistiek? Dat wordt mijn onderzoekvraag voor de komende, pakweg, twee weken.
Vergeet niet je commentaar achter te laten. Daar is de commentfunctie voor. En eigenlijk doe ik het ook een beetje voor jullie. Toch?