Het is erg verleidelijk om je te laten leiden door de mogelijkheden van nieuwe media. Om de techniek centraal te stellen. Foute keuze. Althans, dat vind ik. Techniek is een middel, niet meer dan dat. Al geef ik wel toe dat de keuze voor een techniek, voor een medium de boodschap wel degelijk kleurt. Dat had McLuhan – the medium is the message – goed gezien.
Tijdens een vruchtvolle brainstormsessie hebben Seb en Ik de uitgangspunten van dit experiment gezocht in de popjournalistiek. Daar waren we verrassend snel uit. Popjournalistiek nieuwe stijl dient te voldoen aan de volgende drie voorwaarden:
Openheid
Een van de negen geboden van Deuze en Blanken. Journalistiek, niet alleen pop- en cultuurjournalistiek, is per definitie subjectief. Als journalist dien je je uitgangspunten en argumenten helder te maken. Zo kan de lezer zijn of haar eigen mening formuleren. De dialoog aan gaan met lezers hoort daar eveneens bij. Al blijft er altijd een afstand. De lezer is immers geen journalist.
Betrokkenheid
Ook eentje die voorkomt bij Deuze en Blanken. Nieuwe journalistiek is partijdig. Is journalistiek natuurlijk altijd al geweest, alleen komt de journalist er nu openlijk voor uit. verschuilen achter een zweem van objectiviteit is fout. En dan druk ik me nog licht uit. Betrokkenheid staat ook voor de wil om popcultuur zo goed mogelijk te doorgronden, op zoek te gaan naar nieuwe terreinen die ontdekt dienen te worden.
Omgevingsgevoeligheid
Pop en cultuur (kunst bijvoorbeeld) staat niet los van een omgeving. Een geografische, fysieke of denkbeeldige omgeving. Het duiden van die omgeving is essentieel om een goed beeld te schetsen van popcultuur. Dit punt komt er in Nederland bijzonder slecht vanaf. Alleen al de gangbare definitie van popcultuur die doorgaans beperkt blijft tot popmuziek zegt wat dat betreft meer dan genoeg. Popcultuur is heel veel meer dan dat. En staat nooit los van elkaar.
Goed. Duidelijke punten, dacht ik zo. Met name die omgevingsgevoeligheid vonden Seb en ik erg belangrijk. Het probleem met nieuwe media is immers dat het de werkelijkheid op een postmoderne manier (her)citeert of (her)interpreteert. Anthony Giddens beschrijft dat uitstekend in zijn geweldige boek Modernity and Self-Identity, Self and Society in the Late Modern Age. Onder invloed van allerlei oorzaken – waaronder nieuwe mediatechnologie – raakt het individu volgens Giddens los van tijd, plaats en ruimte. Een van de gevolgen daarvan is dat individuen moeite hebben om een sterke identiteit te creëren. Die ontwikkeling vormt overigens weer de basis in het werk van die andere belangrijke Britse socioloog, Richard Sennett.
Goed, ik wil er geen academische verhandeling van maken. Onder invloed van de gedachte dat gevoelens altijd lokaal zijn, hebben Seb (het uiteindelijke idee is overigens van hem afkomstig) en ik besloten om met inzet van nieuwe media het ‘lokale’ terug te brengen.
Concreet: we laten ons niet leiden door het dictaat van het nu. Dat we door middel van nieuwe media in staat zijn om ‘live’ verslag te doen van ZXZW? Heel leuk, maar met nieuwe popjournalistiek heeft het niets te maken. Eerder het tegenovergestelde. En dus zullen wij achteraf verslag doen. Op een manier waarbij recht wordt gedaan aan tijd, aan plaats en aan ruimte. Een soort reconstructie van het festival als geheel. Het doel? Er voor zorgen dat de mediaconsument het gevoel heeft er echt bij te zijn geweest. Door hem of haar mee te voeren aan de hand van een cultuurcriticus.
Steekwoorden? Gevoel, glokaliteit (zie het gedachtegoed van filosoof Henk Oosterling) en intimiteit.
Wens ons succes